Gestrand aan de frontlinie bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog
Op 1 september 1939 kwamen de baggerwerkzaamheden in Polen abrupt tot stilstand. In Danzig (Gdańsk) werden de bemanningen gewekt door het bulderen van het geschut van het Duitse slagschip Schleswig-Holstein, dat het vuur opende op de Poolse militaire opslagplaats op het schiereiland Westerplatte. De Tweede Wereldoorlog was begonnen, en de bemanningen bevonden zich precies op de plek waar het conflict losbarstte.
Voor de medewerkers ter plaatse veranderden de oplopende geopolitieke spanningen in één klap in een strijd om te overleven. Terwijl de regio in conflict verzonk, vielen communicatieverbindingen weg, gingen grenzen op slot en verdwenen de gebruikelijke routes.
De terugreis werd een chaotische en gevaarlijke onderneming, die voor ieder een ander verloop kende. Door militaire mobilisaties, verschuivende frontlinies en talloze controleposten moesten de bemanningen hun weg zoeken door een instabiel continent, vaak via lange omwegen en weken van onzekerheid, om België te bereiken.
Binnen enkele dagen vielen de baggeractiviteiten in de regio volledig stil, meegesleurd in de plotselinge, gewelddadige realiteit van een wereld in oorlog.